Wat is het doel van het leven? Ik ken geen kortere vraag die zo groot is. Na een overvolle ochtend  met een coaching van een manager die moet kiezen tussen een horizontale of verticale carrièrestap, een uitdagend acquisitiegesprek over doorbraakkansen in een vastgelopen team, en een verlate lunch van drie boterhammen belegd met vijfentwintig ook-dat-nog-mails stap ik in de auto. Waarom ga ik een dag voor mijn vakantie ook nog naar Wijchen? Ik kan mijn afspraak om een Hindoetempel te bezoeken met mijn intervisiesmaatjes Oosterse Veranderkunde toch ook afzeggen? Ik doe het niet. Tuurlijk niet. De mantra van mijn opvoeding dwingt: wie A zegt, moet ook B zeggen. Maar, wanneer pak ik mijn koffer? En red ik het om morgenochtend nog die beloofde offerte te maken?
Negentig kilometer asfalt en twee flesjes Aquarius verder, rijd ik het parkeerterrein op van de Hindoetempel. Twee intervisiemaatjes zitten al op een kaal buitenterras dat gevangen ligt tussen het spoor en een rondweg. Indir, een aller¬vriendelijkste Hindoestaan stelt zich met een glimlach voor en serveert thee, cassave, loempia’s en andere vegetarische gerechten. Alleen al de tocht van zijn voorouders van India via Suriname naar Nederland biedt uren stof voor reflectie. Het lijkt of voor hem de plek waar je bent er niet meer zoveel toe doet.

De Hindoetempel bevindt zich op de bovenste verdieping van het Multifunctioneel Hindoestaans Cultureel Centrum (MHCC). Indir legt uit dat de kern van het Hindoeïsme eenvoudig is: ‘Iets goed doen. Niet theoretiseren, maar doen wat goed voelt.’ Het MHCC is daar een voorbeeld van. Gebouwd zonder subsidie, met Hindoestanen en Wijchense burgers samen. Later legt de pandit – voorganger in de tempel – uit dat de prachtige ramen, die mijn katholieke ogen al snel tot een drieëenheid vormen, helemaal geen symbool vormen van het Hindoeïsme. Sterker nog de ramen hebben geen betekenis maar zijn het gevolg van starre gemeentelijke regelgeving. Als het aan de initiatiefnemers had gelegen waren het gewoon allemaal rechthoekige kantoorramen geweest. De  Wijchense ambtenaren en welzijnscommissie eisten echter een mooiere vorm. Uiteraard moesten de initiatiefnemers daar zelf weer een ton Euro extra voor zien te vinden. “Een mooi voorbeeld van regels volgen tegenover doen wat goed voelt.” zeg ik beschaamd. De pandit lacht: “nu zijn we er wel blij mee; toen vonden we het jammer, en niet nodig.”

De plek vormt volgens de brochure een oase van rust en creëert een vindplaats van multi¬culturaliteit en spiritualiteit. Het doel van de activiteiten is dat jongeren goed begeleid worden, ouderen uit hun isolement raken, de deelname van de doelgroep aan de samenleving toeneemt en de wederzijdse integratie voor een harmonieuze samenleving een impuls krijgt.

Na een inleiding op het Hindoeïsme en een eerste gesprek met de pandit komt het heilige moment. We gaan naar de bovenste verdieping. Als onze schoenen in het rek staan en de zweetlucht en wierook zich vermengen, raken we als intervisiegenoten stil.
De verschillende afbeeldingen van die ene God glitteren ons tegemoet. Kies ik de kleermakerszit op een kussen of  toch maar een stoel? Een Nederlandse man bespeelt licht in trance net als twee Hindoestanen een instrument. De pandit zingt met hen gebeden. Vond de autochtoon hier zijn doel? Later hoor ik dat hij een Wijchense vrijwilliger is die zorgde voor het stucwerk in het MHCC. Gewoon op een dag binnengelopen, tips en adviezen gegeven en gewoon handen uit de mouwen gestoken. Hij komt sindsdien regelmatig om mee te zingen en mee te bidden.
ganesha01Ganesha, de afbeelding van die ene God in een God met een olifantenkop intrigeert me. De grote oren leren ons te luisteren naar wat de ander graag kwijt wil. Zijn dikke buik zegt: sla op wat je hoort en roddel er niet over. De lange slurf staat voor het ongeschonden aangezicht en daagt uit: wees eervol. De kleine ogen nodigen uit de grootheid van de ander te zien. De combinatie van mens en dier leert: respecteer ook het leven van dieren.
Achter in de ruimte ontstaat geroezemoes. Onverwacht zijn we deelgenoot van een familie die gaven van mooie groentes en spijzen offeren. Een prachtig geklede oma en haar kleinkind bezoeken hun voorkeurs¬verschijningen van die ene God.

Als we later als intervisiegroep een vegertarische maaltijd aangeboden krijgen, nemen we een langere stilte in acht voor we gaan eten dan in alle voorafgaande sessies. Hebben we iets geleerd? Brahma de schepper, Vishnu de onderhouder, Shiva de vernietiger of liever vernieuwer; het kunnen zomaar rollen van een manager, een adviseur, een mens zijn. Leven volgens dharma is leven volgens de richtlijnen van het positieve.
De oma en het kleinkind bieden ons een zoete lekkernij aan; want ook wij mogen delen in hun gaven. De wijsheid om geen richtlijnen voor te schrijven maar adviezen te geven als voorganger raakt me.

Als ik vertel dat ik morgen naar de bergen en de zee vlieg om na een hectische tijd uit te rusten, glimlacht de pandit minzaam en bemoedigend. Dan zegt hij rustig: zoals de zee in de druppel is, zijn de bergen en de zee ook al in jou. Je hoeft niet ergens naar toe te gaan om rust te vinden. De rust zit ook in jezelf.

Misschien is het antwoord op die grote levensvraag wel heel kort en is de kracht van deze relatief kleine religie wel heel groot. Laten we onze ziel verbinden met wat groter is dan ons. Laten we gewoon doen wat goed voelt. Misschien zit daarin ook het geheim van een goede adviseur en een goede coach.


Mei  2007 Ed Grubben CMC

 

 


Column:
Stop communicatieve armoede

Lees meer...

Ed Grubben is ook partner van
Mooi werk vraagt om leiderschap
Meer weten? Zie: www.mooiwerk.online

 

 

 

Neem contact op:

Mobiel: 06-518 07 258

Telefoon: 033-457 27 27

Email: info@grubben.net

Linkedin Pagina